Ramadan

Van de ochtenschemer tot de zon onder is. Ik eet niet en drink niet. Er zijn dagen die ik oversla. En er zijn dagen dat ik erin opga.

Het is een gevecht, een jihad. Het is een gevecht tegen je eigen onbehoorlijkheid, je honger. Ga je er niet dood aan, dan word je er door gesterkt. In je hart en je verstand.

Hongerige mensen zijn vaak sneller prikkelbaar. Zelfbeheersing wordt vooral in de namiddag getest, wanneer de zon begint te zakken en de uren die je zonder eten en drinken bent toenemen. Je kunt en mag niet boos worden. Je leert kijken naar jezelf, naar de momenten die je normaal triggeren. Je leert deze momenten herkennen om ze iedere uiting te ontkennen.

De honger is ook meditatie. Je lichaam wordt natuurlijk onrustig. Vanuit je innerlijke kracht breng je de wil op om niet toe te geven aan je dorst, of de honger. Of enige andere verleiding. Dit werkt alleen als er wordt gevast vanuit wilskracht, en niet vanuit angst. Bijvoorbeeld omdat je zult branden in hel, en dit een mogelijkheid is om daar aan te ontkomen. Zo sprak het Boek.

Doe het uit liefde voor wie je bent, een maand de tijd nemen om niet in te graven op iedere lust. Stil te staan bij je emoties, gevoel en verstand. Je ziel misschien ook een beetje los te maken van je lichaam. Om te zweven in het rond. Je bent weer de leider van wat je doet. Bewust en integer naar je wil luistert en handelt.

Ik vast, en ik voel me losser dan ooit.

Woorden van jou

Zijn deze woorden van mij? Ik ben de schrijver, ik ben de denker. Ik geef deze woorden plaats. Maar zijn ze ooit van mij?

Ik zal nooit eigenaar zijn van welk woord dan ook. Ik word gebruikt om de woorden te delen. Geef mij een toetsenbord en ik zal muziek maken. Klinked als een verhaal, of een gedicht, een bezwaar of een inzicht.

Ik denk dat woorden mij gebeuren. Net als het weer, net als de vrouw met haar kat in de trein, net als het overvliegen van een meeuw, net als jij die dit leest.

Je neemt dit op, je houdt dit bij je. Je bent besmet door de gedachte. Neem deze woorden en geef ze weer een mooie plaats.

Are we human, or are we dancer?

Het mooie aan muziek, en kunstvormen in het algemeen, is dat iedereen alles op zijn eigen manier interpreteert. Wat voor de één een doek met gekke vormen is, kan voor de ander de essentie van zijn bestaan bevatten. Kunst is persoonlijk.

Dit voorwoord heb ik nodig om te vertellen waarom Human van The Killers een van de mooiste liedjes uit onze tijd is. Want zo kan het gebeuren dat op een eerste gezicht vederlicht klinkend popnummer zo’n lading voor mij kan dragen. Het gewraakte nummer overigens:




Je gaat het pas horen, als je gaat luisteren. De essentiële vraag of wij mens zijn of slechts een danser. Brandon Flowers, de leadsinger, gaf in een interview aan dat het liedje is geschreven naar een quote van onze held, journalist en schrijver, Hunter S. Thompson: “We’re raising a generation of dancers“.

Dancers zijn in dit geval mensen die exact in de maat moeten optreden. Zodra je uit de maat danst, val je meteen op. Je hebt je strikt te houden aan je choreografie. Alles gaat om je opvoering. Er is hierbij geen ruimte om jezelf te zijn. Je bent slechts een poppetje, dat zo gevraagd een dansje doet.

En precies dat is iets wat wij niet willen zijn, toch? Een uitgestippeld pad van verwachtingen binnen de lijnen kleuren met de aangegeven nummers. Ik wil vrij zijn. Mens zijn. Met alle deugden die een mens compleet maken: Grace, virtue, soul, romance, devotion.

Hiermee kenmerkt dit liedje onze tijd. Iedereen lijkt door het leven te gaan in een robotische modus, aangestuurd door verwachtingspatronen van anderen, van een heilig boek, en overmatig geprikkeld door de megacommercie. Zet een stap opzij, en kijk naar jezelf. En vraag je af: Am I human, or am I dancer?

Love, Fear And Craze.

In my young life I have experienced lots of different emotions. I have been happy about so many things, afraid for just as many. I have felt victorious and a loser. I have felt lost and found. But felt quite nothing like the feeling of love ever before.

 

I was 21 years old at that time. She was a fresh face. One of which I knew from the first moment on, I would never forget. I just knew. She was stunning. As I got to know her I felt compelled to her. She had something that kept me busy. I know what it was: a mind that thought alike. And, no, not many minds can go along with mine. But hers did. The moment we found out, a connection was made. At that time, it seemed as some kind of pure bond.

 

Craze took over. The concept of two persons having the understanding of each other in a way not a lot of people experience, was totally new and unknown. It was scaring too. It was like walking in the most beautiful room I had ever seen, and not wanting to be in there, because somehow I thought, that my presence would make the room less beautiful. It was perfect as it was. But the truth is, without me in it, the existence of the room is just a memory, even less: an imagination. I cannot live it.

 

That is the moment I sorrow for having left the room. Out of fear. The realization that love is not imaginable, once you have experienced it, is haunting. The fullest passion I’ve wanted to live up to, the bond I forever wanted to have, just slipped away. Trough the fingers of my hands. I squeeze my hands, but nothing in it. Empty handed I lived one. My hands touched on and on. But remained empty.

 

Now for the first time I feel like having put my hands on someone that I might want to hold on to. But before I know that, I will have to open myself up to her. Look for the pureness, and the essential input from my instincts. I fear never to love. Actually I fear the craze. Although I described it in one paragraph, the craze had its spell on me for about a year. It took a lot to get over it. Time was after all my friend. And now I always hold a distance, just never to get involved again in that way. Get my pleasure, but leave the person.

 

The room still lures. I want to go in, and live it. Fuck the fear and craze! I want to love, and thus live. 

Viool en wolken.

Mijn lichaam ontdoet zich van mijn fysiek. Mijn lichaam zweeft. Ik voel mij los, op een bepaalde manier bevrijd. Van mezelf. Van de tastbare wereld. Ik ben niet dood. Mijn lichaam blijft in positie, maar is niet langer verbonden met het vlees en bloed dat hier op de bank zit. Ik voel mij lichter geworden. Als ik aan iets moois denk, krijg ik altijd een rare rilling over mijn onderbuik. Koud van buiten en warm van binnen. Vreemd. Nu voel ik hetzelfde. De viool is een gevaarlijk instrument.

De snaren brengen meer dan alleen lucht in beweging. Het is alsof met iedere strijk de rillingen zich laten dirigeren door de melodie. Ik voel mij wakker. Een gelukkig gevoel, dat mij verder vervreemdt. Ik wou dat ik altijd dit kon voelen. Dorst.

Het is als stoppen, zonder tot stilstand te komen. Meer als stoppen in een dimensie, om in een andere verder te gaan. Perspectieven vermenigvuldigen zich met breuken. Inname. En de honger die hierop volgt.

Gelukkig heb ik drinken en eten bij de hand. Suikerrijk voedsel. Insuline in mijn lichaam. Hydratatie van mijn hersenen. Ik ben verlamd. Niets voelt beter dan totale verlamming. Dit is het beleven waard. Belletjes rinkelen in dit nummer. Met een pianorif en nog steeds de viool. Hoge noten. Zware elektrische gitaren en een drumstel. Het verrast en overvalt me.

Ik voel mij als een wolk. Een samenstelling van niets. Ik kan met een windvlaag oplossen. Opgaan in de lucht die ik adem. Ik wil mijzelf inademen.  In me opnemen. Dat zou grappig zijn. Of op mijzelf regenen. Als druppels die op mijn naakte huid spatten. Ik wil dansen in mijn regen.

Voor even is het leven geen reis. Ik sta stil, kijk om me heen, en geniet. Intens. Om het niet verder te compliceren, val ik in slaap. Ik vertel je niet over mijn dromen. Ik houd het hierbij.

 

 

Edward Newton

Edward Newton

He is so fucking great. Serious major talent. 25th Hour? American History X? Fight Club? En nog geen Oscar. BS. Living legend. Voor mij als acteur is hij een groot voorbeeld. Misschien zelfs groter dan DeNiro en Pacino, als voorbeeld, tenminste. 

Wat hem zo groot maakt is misschien ook juist zijn selectieve keuze van zijn rollen. Vaak speelt hij een intern geconflicteerd karakter, of één die een grove transformatie doormaakt. Deze karakters zijn wel het meest lastig om te spelen, en tegelijkertijd het meest boeiend. Er zijn maar weinig acteurs die dit soort rollen op zich kunnen nemen. Misschien 5 of 6 bekende. 

Hoe hij in Fight Club van een nice guy verandert in een nonconformistisch bad ass. Of in American History X als een met vuurrode haat gevulde nazi vrede sluit met zichzelf en de mensheid. Die transformatie. Het is een acteur die zichzelf totaal buiten zijn rol sluit. Welke andere acteur zou deze rollen zo hebben kunnen spelen? Zonder moeite. Zo mooi.

Hem zien spelen is keer op keer een feest. Mits het verhaal boeit, trouwens. The Illusionist of The Incredible Hulk zijn slaapverwekkend om deze reden. Ook al speelt Norton standvastig goed, de verhalen zijn zo suf. Voor sommige films is hij gewoon te goed. 

Edward Norton. Een filmheld. Ik praat over hem alsof hij al dood is. Voor de minder met deze materie bekende lezer: dat is hij nog niet. Een levende legende, dus. (Dit zei ik al in de opening). Hoop dat de wereld nog vele films van hem mag zien, waarin hij zijn uitzonderlijke talent vertoont. 

 

 

Charles Bukowski

Women, heet zijn boek. Het eerste fictionele boek sinds tijden dat ik uit heb gelezen. Niet zijn eerste overigens. Hij zou er uiteindelijk 110 in omloop brengen. Romans, korte verhalen, poëzie. Een grote moderne schrijver. Invloedrijk ook. Als je zoveel schrijft, dan maak je jezelf ook wel een beetje onontwijkbaar. 

Om terug te komen op het boek, het is een boek dat voor 5 pagina’s aan zinnigheid heeft, en de overige 285 aan onzin nodig heeft om tot deze zinnige conclusies te komen. Zo is het in echt ook, niet waar? We hebben gewoon veel bullshit in het leven nodig, om er achter te komen dat iets stinkt.

Charles Bukowski dus ook. Hij werkte een tijdje op het postkantoor in L.A. Toen niet, toen weer wel. Begon jong met schrijven, stopte, en pakte het weer op. In de avonden schreef hij zijn gedichten. Dit boek opent Bukowski met de statement dat geen van de personages beschreven in het boek berust op een feitelijk persoon. Een leugen. Want de hoofdpersonage in het boek, de ene Henry Chinaski, met Hank als bijnaam, hetzelfde jaar in hetzelfde Duitsland geboren, wonende in hetzelfde L.A. en is net zo hard een schrijver/poëet/voormalig postkantoor bediende. En zo lopen er wel meer paralellen tussen Hank en Charles.

En met dit gegeven in mijn achterhoofd las ik het boek. In twee dagen. Een record. Voor mij doen dan. In het boek ziet hij veel vrouwen. Een variatie. Veelal met een repeterend scenario. Leren kennen, nog béter leren kennen, niet meer willen kennen. Het zijn vrouwen die hem niet zagen staan voordat hij publicaties had. En nu de, naar eigen zeggen, 110 kilo aan lelijkheid opeens helemaal zien zitten. Ze willen met hem zijn. Hij niet met hun. Nou vooruit, voor even dan.

Women laat een studie van de schrijver in het boek, en dus van de schrijver van het boek, naar vrouwen zien. En dat opzich is boeiend. Hij schrijft graag over vrouwen. Zonder dat hij ze kent. Of wilt. Jammer dat ik boek al terug heb gebracht naar het Leeskabinet. Ik had er ander een paar mooie passages uit kunnen citeren. De schrijfstijl is direct. Rechtuit. Geen smoesjes. Het gebeurt. Dat is mooi. 

Denk dat ik dankzij dit boek, wel meer ga lezen van Bukowski. Dit is voorlopig zeker niet het laatste dat ik over hem heb geschreven.

Tenslotte: Lezen is als drinken, het fuckt met je tijdsbesef. 

The Beatles

They suck. Big time! Seriously, ik downloadde hun – naar eigen mening – beste album: The White Album. God, wat was het slecht. Dat mensen hier serieus voor zijn gevallen. Ik voel mij enigzins bedrogen. Het voelt als aan mijn kinderen later vertellen dat de Backstreet Boys echt de shit waren.

Het moet vast geinig hebben geklonken in de tijd en ruimte waarin dit zich afspeelde, maar het muziek kan beter achtergelaten worden in het verleden. Dit verdient op geen enkele manier een plaats in het heden. Een paar gasten die met een gitaar, drumstel en piano willekeurig wat melodietjes eruit gooien en er een standaard tekstje onder zetten.

“Dear Prudence, won’t you come out to play.
Dear Prudence, greet the brand new day.
The sun is up, the sky is blue.
It’s beautiful and so are you.” 

Gatverdamme. Roze wolkjes van suikerspin. We hebben het hier over volwassen mannen. En echt, ik houd van muziek. Ook van oude muziek. The Rolling Stones, Led Zeppelin, Pink Floyd, ik geniet van ze allemaal. Maar de Beatles zijn toch echt een stel mietjes vergeleken met deze gasten.

Met de grootste afstand benoem ik The Beatles officieel tot de grootste anti-climax die een mens heeft meegemaakt. Al die jaren is er door een zekere generatie op ons ingepraat, hoe geweldig deze gasten wel niet zijn. Hoe zij onderdeel waren van een ware revolutie. Wel, voor hun: ik zou nog liever onder het regime van een dictator willen leven, dan in een vrije samenleving iedere dag The Beatles op de radio horen.

Ok, volgens mij moet dit zo wel duidelijk zijn.