Lovers at the Lake | Part 4

Een verre lantaarn beschijnt haar gezicht. Ze is gespannen.

Hij komt dichtbij haar staan. Zijn handen zwaaien klein in de lucht. Maken aanstalten haar te strelen, of te raken, maar doen niets. Hij legt ze in elkaar voordat hij ze laat hangen langs zijn zij. Al laat hij zijn vingers wel krullen tot een losse vuist.

“Ik houd van jou.”

Zijn handen openen zich meteen. Zij zet een stap naar achter, alsof ze van haar plaats wordt geduwd door zijn woorden. Hij reikt uit.

Ze opent haar mond om verder niets te zeggen.

“Ik wil dit met je doen. Ik ben nieuw. Ik zal van je leren. Ik wil dit met niemand anders dan met jou, Sara.”

Ze zet weer een stap naar hem toe. Ze voelt zich licht. Ze voelt zich knap. Ze voelt zich om van te houden. Ze voelt zich een kracht.

Hij pakt haar beet en trekt haar naar zich toe. In zijn armen draagt zij haar antwoorden naar zijn linkeroor.

“Ik houd ook van jou. Ik wil je helpen. Ik wil alles doen wat nodig is om dit vast te houden.”

“Je hebt een groot hart, Sara.”

Zij kijkt hem aan. Ziet weer de verliefde kijkers op haar. Zij voelt zich onzeker over de toekomt. Er staat geen garantie op deze liefdestransactie. Maar iedere seconde dat ze dit heeft, dat ze hem voor zich heeft, is een feest. Zij merkt dit moment als groots.

Hij kijkt haar aan. Hij ziet zichzelf niet meer.

Haar gezicht is in zijn handen. Het mooiste gezicht die zijn handen hebben gedragen. Ze kussen intens. Ze nemen elkaar in een greep die alle twijfel bij elkaar weg moet nemen. Ze drukken de lippen zo stevig mogelijk op elkaar.

Hij laat los, draait zich om, rent, neemt een sprong, en duikt zo het meer in. Hij doorbreekt haar schild en het meer antwoord hem voor het eerst. Het meer fluistert hem al haar geheimen toe. Het meer geeft haar nog een knipoog.

Zij worden nooit meer gevonden.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *